Dutch

Detailed Translations for twijfel from Dutch to English

twijfel:

twijfel [de ~ (m)] nomen

  1. de twijfel (besluiteloosheid; tweestrijd; weifeling)
    the doubt; the hesitation; the indecisiveness; the shilly-shallying; the vacillation; the indecision; the single combat
  2. de twijfel (twijfeling)
    the hesitation; the indecision; the irresolution

Translation Matrix for twijfel:

NounRelated TranslationsOther Translations
doubt besluiteloosheid; tweestrijd; twijfel; weifeling aarzeling; twijfeling; weifeling
hesitation besluiteloosheid; tweestrijd; twijfel; twijfeling; weifeling aarzeling; remming; twijfeling; weifeling
indecision besluiteloosheid; tweestrijd; twijfel; twijfeling; weifeling halfslachtigheid
indecisiveness besluiteloosheid; tweestrijd; twijfel; weifeling
irresolution twijfel; twijfeling twijfelmoedigheid; wankelmoedigheid
shilly-shallying besluiteloosheid; tweestrijd; twijfel; weifeling aarzeling; twijfeling; weifeling
single combat besluiteloosheid; tweestrijd; twijfel; weifeling duel; kamp; tweegevecht; tweekamp
vacillation besluiteloosheid; tweestrijd; twijfel; weifeling
VerbRelated TranslationsOther Translations
doubt aarzelen; afvragen; betwijfelen; dubben; onzeker zijn; talmen; twijfelen; verwonderen; weifelen

Related Words for "twijfel":


Wiktionary Translations for twijfel:

twijfel
noun
  1. gevoel van onzekerheid ten aanzien van wat men moet doen, geloven e.d.
twijfel
noun
  1. uncertainty
  2. expression of doubt
  3. a sudden feeling of apprehension, doubt, fear etc.
  4. doubt or challenge about the truth

Cross Translation:
FromToVia
twijfel doubt Zweifel — inneres Schwanken; Unsicherheit in Bezug auf Vertrauen, Taten, Entscheidungen, Glauben oder Behauptungen beziehungsweise Vermutung von Tatsachen
twijfel doubt douteincertitude sur l’existence ou la vérité d’une chose, sur la vérité ou la fausseté d’une idée.

twijfel form of twijfelen:

twijfelen verb (twijfel, twijfelt, twijfelde, twijfelden, getwijfeld)

  1. twijfelen (aarzelen; weifelen)
    to hesitate; be indecised; to procrastinate; to question; to waver; to tarry; to vacillate; to put off
    • hesitate verb (hesitates, hesitated, hesitating)
    • procrastinate verb (procrastinates, procrastinated, procrastinating)
    • question verb (questions, questioned, questioning)
    • waver verb (wavers, wavered, wavering)
    • tarry verb (tarries, tarried, tarrying)
    • vacillate verb (vacillates, vacillated, vacillating)
    • put off verb (puts off, put off, putting off)
  2. twijfelen (onzeker zijn)
    to doubt; to hesitate; to be doubtful
    • doubt verb (doubts, doubted, doubting)
    • hesitate verb (hesitates, hesitated, hesitating)
    • be doubtful verb (is doubtful, being doubtful)

Conjugations for twijfelen:

o.t.t.
  1. twijfel
  2. twijfelt
  3. twijfelt
  4. twijfelen
  5. twijfelen
  6. twijfelen
o.v.t.
  1. twijfelde
  2. twijfelde
  3. twijfelde
  4. twijfelden
  5. twijfelden
  6. twijfelden
v.t.t.
  1. heb getwijfeld
  2. hebt getwijfeld
  3. heeft getwijfeld
  4. hebben getwijfeld
  5. hebben getwijfeld
  6. hebben getwijfeld
v.v.t.
  1. had getwijfeld
  2. had getwijfeld
  3. had getwijfeld
  4. hadden getwijfeld
  5. hadden getwijfeld
  6. hadden getwijfeld
o.t.t.t.
  1. zal twijfelen
  2. zult twijfelen
  3. zal twijfelen
  4. zullen twijfelen
  5. zullen twijfelen
  6. zullen twijfelen
o.v.t.t.
  1. zou twijfelen
  2. zou twijfelen
  3. zou twijfelen
  4. zouden twijfelen
  5. zouden twijfelen
  6. zouden twijfelen
en verder
  1. ben getwijfeld
  2. bent getwijfeld
  3. is getwijfeld
  4. zijn getwijfeld
  5. zijn getwijfeld
  6. zijn getwijfeld
diversen
  1. twijfel!
  2. twijfelt!
  3. getwijfeld
  4. twijfelend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for twijfelen:

NounRelated TranslationsOther Translations
doubt aarzeling; besluiteloosheid; tweestrijd; twijfel; twijfeling; weifeling
question geval; interpellatie; issue; kwestie; opgaaf; opgave; probleem; punt; vraag; vraagstuk; zaak; zwaarte
VerbRelated TranslationsOther Translations
be doubtful onzeker zijn; twijfelen betwijfelen
be indecised aarzelen; twijfelen; weifelen
doubt onzeker zijn; twijfelen aarzelen; afvragen; betwijfelen; dubben; talmen; verwonderen; weifelen
hesitate aarzelen; onzeker zijn; twijfelen; weifelen aarzelen; dubben; talmen; weifelen
procrastinate aarzelen; twijfelen; weifelen aarzelen; dralen; drentelen; druilen; hannesen; talmen; teuten; treuzelen; zaniken; zeiken; zeuren
put off aarzelen; twijfelen; weifelen aarzelen; dralen; drentelen; druilen; hannesen; opschorten; opschuiven; rekken; talmen; teuten; treuzelen; uitstellen; verschuiven; vertragen; voor zich uitschuiven; zaniken; zeiken; zeuren
question aarzelen; twijfelen; weifelen aanvechten; bestrijden; betwisten; doorvragen; doorzagen; interpelleren; ondervragen; overhoren; uithoren; uitvragen; verhoren
tarry aarzelen; twijfelen; weifelen aarzelen; dralen; drentelen; druilen; dubben; hannesen; talmen; teuten; treuzelen; weifelen; zaniken; zeiken; zeuren
vacillate aarzelen; twijfelen; weifelen
waver aarzelen; twijfelen; weifelen aarzelen; blijven steken; dubben; haperen; stokken; talmen; vastlopen; weifelen
- aarzelen
AdjectiveRelated TranslationsOther Translations
tarry teerachtig

Related Words for "twijfelen":


Synonyms for "twijfelen":


Antonyms for "twijfelen":


Related Definitions for "twijfelen":

  1. je bent onzeker en je wacht nog even voordat je iets doet1
    • hij twijfelt of hij weer naar school gaat1
  2. het niet helemaal geloven1
    • twijfel je soms aan mijn woorden?1

Wiktionary Translations for twijfelen:

twijfelen
verb
  1. op twee gedachten hinken
  2. het vermoeden hebben dat iets niet waar is
twijfelen
verb
  1. to lack confidence in something
  2. to fester
  3. to begin to doubt and waver in purposes
  4. distrust, have doubts about
  5. to be indecisive between choices; to feel or show doubt or indecision; to vacillate

Cross Translation:
FromToVia
twijfelen doubt zweifeln — den Wahrheitsgehalt in Frage stellen; glauben oder vermuten, dass etwas nicht stimmt
twijfelen stagger; teeter; totter chanceler — Ne pas être assuré
twijfelen doubt; question douter — Être dans l’incertitude, n’être pas sûr.

Related Translations for twijfel