Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. binnenste:
  2. binnen:
  3. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for binnenste from Dutch to English

binnenste:

binnenste [het ~] nomen

  1. het binnenste (middelste)
    the middle; the pivot; the nucleus; the inner
  2. het binnenste (kern)
    the core; the kernel; the heart; the pith

binnenste adj

  1. binnenste (innerlijk)

Translation Matrix for binnenste:

NounRelated TranslationsOther Translations
core binnenste; kern kern van de zaak; klokhuis
heart binnenste; kern aard; bloedpomp; geaardheid; gemoed; hart; hartje; inborst; inslag; karakter; mentaliteit; natuur
inner binnenste; middelste binnenkant; binnenzijde
inside binnenkant; binnenzijde
interior binnenkant; binnenzijde; interieur; inwendige
internal inwendige
kernel binnenste; kern kaarsenpit; kernel; lont; ontsteking; pit; vruchtenpit
middle binnenste; middelste middel; middel van het lichaam; taille
nucleus binnenste; middelste kernpunt
pith binnenste; kern beenmerg; kaarsenpit; lont; ontsteking; pit
pivot binnenste; middelste kaapstander; kernpunt; spil
AdjectiveRelated TranslationsOther Translations
inner binnenste; innerlijk
interior binnenste; innerlijk
internal binnenste; innerlijk binnenlands; intern; inwendig
AdverbRelated TranslationsOther Translations
inside aan de binnenkant; binnen; binnenin
ModifierRelated TranslationsOther Translations
inside binnenste; innerlijk binnen; binnenshuis; binnenskamers; naar binnen
inward binnenste; innerlijk binnenwaarts; inwaarts; inwendige; naar binnen; van binnen

Related Words for "binnenste":


Wiktionary Translations for binnenste:

binnenste
noun
  1. heart of a thing

Cross Translation:
FromToVia
binnenste internal; intern; inner; inside; endogenous; inland; interior; intra- interne — didactique|fr médecine|fr Qui est en dedans, qui appartenir au dedans.
binnenste in; inner; internal; endogenous; inland; interior; intra- intérieur — Qui est au dedans ; qui est relatif au dedans.

binnenste form of binnen:

binnen adj

  1. binnen (binnen een tijdsspanne)
  2. binnen (binnenshuis; binnenskamers)
    inside; indoors
    – within a building 1
  3. binnen (hierbinnen)
  4. binnen
    inside; within
    – on the inside 1

binnen adj

  1. binnen (binnen-)
    indoor
    – located, suited for, or taking place within a building 1
    • indoor adj
      • indoor activities for a rainy day1
      • an indoor pool1

Translation Matrix for binnen:

NounRelated TranslationsOther Translations
inside binnenkant; binnenzijde
AdjectiveRelated TranslationsOther Translations
indoor binnen; binnen-
AdverbRelated TranslationsOther Translations
in this binnen; hierbinnen hierin; in dit
indoors binnen; binnenshuis; binnenskamers
inside binnen aan de binnenkant; binnenin
within binnen
OtherRelated TranslationsOther Translations
during staande
ModifierRelated TranslationsOther Translations
at which time binnen; binnen een tijdsspanne gedurende; in het verloop van
during binnen; binnen een tijdsspanne gedurende; gedurende geruime tijd; in het verloop van; ondertussen; terwijl; tijdens
in here binnen; hierbinnen hierin; in dit
in the course of binnen; binnen een tijdsspanne gedurende; in het verloop van
inside binnen; binnenshuis; binnenskamers binnenste; innerlijk; naar binnen

Related Words for "binnen":


Antonyms for "binnen":


Related Definitions for "binnen":

  1. in een ruimte2
    • het is slecht weer, we blijven binnen2

Wiktionary Translations for binnen:

binnen
preposition
  1. in een bepaald bestek of ruimte
binnen
adjective
  1. surrounded by land
  2. within
adverb
  1. moving to the interior
  2. indoors; at home or the office and available for conversation
en-prep
  1. after a period of time

Cross Translation:
FromToVia
binnen inside; interiorly; internally; inwardly dedans — À l’intérieur. Dans la place dont on vient de parler
binnen about; concerning; for; of; over; regarding; after; by; on; upon; a; an; at; in; inside; into; per; aboard; toward; towards; to enTraductions à trier suivant le sens

Related Translations for binnenste